’Mama gaat je vertellen: je gaat dood'
dinsdag 20 maart 2007 om 12:29
'’Mama gaat je wat spannends vertellen. Je bent ongeneeslijk ziek. Je gaat dood. Dood is dat je er niet meer bent, dan stoppen ze je in een kist en dan word je héél diep onder de grond begraven. Maar de dokters gaan je redden als je goed meewerkt. Jij mag dit alles aan niemand vertellen.’(…)’Ik neem me voor goed mee te werken met de dokter, want ik wil niet onder de grond.’ Door ouders die Münchhausen by proxy plegen, overlijden volgens ruwe schattingen zo’n twintig kinderen per jaar in ons land. Slachtoffer Roos Boum schreef haar ervaringen op.
Münchhausen by proxy: een ernstige vorm van kindermishandeling, waarbij (een van de) ouders of voogden hun
kind(eren) onderwerpen aan niet-noodzakelijk medische behandelingen en medisch ingrijpen bevorderen door een ziekte te
verzinnen.
Roos Boum is ongeveer zeven jaar als haar moeder vertelt dat ze eindelijk heeft ontdekt wat Roos heeft: de
auto-immuunziekte hypogammaglobulinemie, een aandoening waarover Roos' oma heeft gelezen in de krant. Roos was volgens
haar moeder altijd al levensbedreigend ziek, maar artsen konden niet vinden waar dat aan lag. Roos' moeder is er altijd
van overtuigd geweest dat haar dochter niet lang zou leven. Eerst voorspelde ze dat Roos hooguit vier jaar zou worden,
toen zeven, vervolgens elf en tot slot veertien. Totdat Roos het huis uitgaat, op achttienjarige leeftijd, sleept haar
moeder haar van arts naar arts voor onderzoeken.
Onderzoek
De onderzoeken betreffen veelal scans, urine- en bloedtesten. En Roos is veel thuis. Dan zit ze alleen op haar
kamertje, waar ze pas vanaf komt als haar vader thuiskomt. Dat is ook het moment waarop ze haar moeder pas weer ziet.
Die dan honderduit vertelt dat ze koorts had en erg ziek was. De meest traumatische ervaring had Roos toen ze twaalf
was en haar moeder haar voor inwendig onderzoek naar het ziekenhuis stuurde.
Uit haar boek 'Valse salie, een kroniek van een verscheurde jeugd': 'Ik kon een kreet van pijn niet onderdrukken toen
hij iets kouds van ijzer inbracht. Het voelde alsof hij het draaide en het leek groter te worden.'Mam?' Ik snikte haast
en keek haar aan.'Stel je niet zo aan, je bent nu een grote meid. De eerste keer is wat ongemakkelijk. Later moet je
dit ieder paar jaar bij de dokter laten doen. Alle vrouwen doen dat hoor.'
Schaamte, woede, pijn. Allerlei emoties gingen door me heen. (…) 'Alles is goed en normaal hoor, mevrouw. Nou
dat viel wel mee toch? Jij kunt je aankleden,' zei hij tegen mij. Hij reikte me een maandverbandje aan. 'Doe dit in je
broekje want het kan een beetje bloeden.' 'Bloeden?' herhaalde ik. Een vreselijke vraag schoot me te binnen en ik
stelde hem ook. De dokter antwoordde: 'Nee, lichamelijk gezien ben je nu geen maagd meer, maar in je hoofd nog wel.'
Hoe kon hij het zeggen? Ik voelde me volledig verkracht... door mijn eigen moeder.
Documentaire
Boum, nu 44 jaar oud, woont in een dorpje in Midden Frankrijk met haar vriend en een heleboel dieren. Ze is niet
ongeneeslijk ziek, gaat nooit meer naar een dokter. Haar moeder heeft haar mishandeld, schrijft ze in haar boek. Daar
kwam ze ook pas achter toen ze in 1997 een documentaire zag uit Amerika, waarin een vrouw werd getoond die stelselmatig
haar baby'tje letsel toebracht om aandacht van artsen en verpleegsters te krijgen.
"Het syndroom van Münchhausen by proxy. Ineens vielen er een heleboel kwartjes. Ik herkende wat de slachtoffers zeiden:
"Als mijn moeder niet in de buurt was, was ik niet ziek''. Als ik bijvoorbeeld bij mijn oma logeerde, had ik nergens
last van. Daar at ik ook fruit, wat thuis niet mocht. Met als resultaat dat ik met een gezonde kleur naar huis ging,
doorgaans zag ik bleek. Na de documentaire ben ik gaan schrijven, maar ik heb het snel weggelegd. Ik wilde er niet aan,
ik wilde niet zo'n moeder hebben.''
Boum heeft nog geluk gehad, vindt ze. Er zijn gevallen bekend van slachtoffers van Münchhausen by proxy (Mbp) die in de
eerste acht jaar van hun leven zo'n vijftig keer zijn geopereerd, omdat ouders ziekten veinzen. Ze verwaarlozen hun
kind, brengen het letsel toe, dienen (giftige) middelen toe, benemen de adem. Boum: "Ik was slechts ten dode
opgeschreven en moest daarom al die vervelende onderzoeken ondergaan. Mama zei dat het moest, ze had me geïnstrueerd
dat ik op alle vragen van artsen 'ja' moest zeggen en ik luisterde. Deep down voelde ik wel dat mijn moeder iets deed
wat niet klopte, maar ja, ik wilde ook niet dood.''
Overbezorgd
Hoe kon dit gebeuren? "We verhuisden veel en wisselden dus vaak van arts. Het werd mijn moeder gemakkelijk gemaakt het
verhaal steeds nieuw leven in te blazen. Bovendien had ze door haar fascinatie voor de medische wereld zo veel kennis
opgedaan, dat ze artsen wist te overtuigen. En wat mijn naaste omgeving betreft, over het algemeen kun je zeggen dat
iedereen dacht dat ze gewoon een overbezorgde moeder was. Ze liet zo zien hoe begaan ze was met mij en mijn ziekte, een
moeder de onderste steen boven wilde hebben. Dat dacht mijn vader ook. Maar die was er ook nooit bij. Hij werkte, sneed
's zondags het vlees. Daarbij kwam mijn moeder over als een heel hartelijke, warme, gulle vrouw, die erg begaan was met
haar omgeving. Als de neef van een vriend bij wijze van spreken suikerzakjes spaarde, onthield zij dat er bleef ze
zakjes voor diegene meegeven.''
'Ze haatte me'
Hoe kon haar moeder dit haar dochtertje aandoen? Boum: "Ze haatte me. Ik kreeg erg het gevoel dat ik niet telde, ze
ging voor zichzelf. In mijn boek haal ik een voorbeeld aan dat heel goed illustreert dat ze wist waar ze mee bezig was.
Ze heeft me een keer tegen de gloeiend hete kachel aangeduwd en natuurlijk beweerd dat ik was gevallen. Volgens mij
deed dat incident haar wel inzien dat dit niet de weg was om steeds bij artsen terecht te komen. Zulk letsel gaat
opvallen. Toen heeft ze dus verzonnen dat ik ongeneeslijk ziek was.''
Haar vader ging daar zonder aarzelen in mee. "Tot op de dag van vandaag kiest hij kant voor mijn moeder. Na het
incident met die kachel, vertelde ik hem dat mama met had geduwd. Mijn vader zei: "Ach joh, dat doet mama toch niet.''
Ik heb wel even aangehouden, maar dat hielp niets.''
Inmiddels weet Boum dat ze niet de enige is. Na de publicatie van haar boek is er een enorme stroom van reacties op
gang gekomen. Haar forum loopt over, ze krijgt vele mails van mensen die hetzelfde hebben meegemaakt of nog meemaken.
Ook heeft ze momenteel contact met een aantal vaders die beweren dat hun ex-vrouw zo ook hun kroost heeft behandeld.
Boum loopt op dit punt tegen beperkingen aan, vindt ze. "Ik kan luisteren, niet helpen. Toch gaat het om schrijnende
verhalen waar wel wat aan moet worden gedaan. Maar het is moeilijk te bewijzen. Ik heb mijn licht opgestoken bij
psychiaters, maar van hen krijg ik het idee dat ze hun vingers niet aan dit onderwerp willen branden.''
Klinisch en forensisch psycholoog Leo Ligthart (zie ook kader) erkent dat het een lastig onderwerp is. "Het blijft
lastig een diagnose te stellen. Daarvoor heb je medewerking nodig van de pleger. Die krijg je vaak niet. Dat maakt het
lastig om vervolgens te documenteren. Helaas is het alleen in acute gevallen mogelijk in te grijpen, als een kind op de
spoedafdeling van een ziekenhuis is beland. Dat gebeurt nauwelijks.''
Toch heeft Ligthart het idee dat er meer gevoeligheid voor het onderwerp ontstaat in de beroepsgroep. "In Nederland is
de laatste jaren het besef gegroeid dat te veel kinderen met een goede gezondheid op onverklaarbare wijze plotsklaps
overlijden. Dat is vooral de verdienste van politiemensen en forensisch artsen die kritisch hebben gekeken naar
overlijdensgevallen.''
Breuk
Boum knapte op toen ze het huis uitging. Toch leidde een ruzie in 2003 pas tot een definitieve breuk met haar ouders.
"Ik dacht ineens 'wat ben jij toch een raar mens'. En toen heb ik die documentaire uit 1997 erbij gepakt en mijn
medisch dossier opgevraagd. Daaruit bleek dat er wel een arts was geweest die beschreef dat er niets was gevonden. Dat
was het bewijs dat ik dus helemaal niet ziek ben, wat ik wel dacht. Ik ging dus niet dood!''
"Uiteindelijk heb ik mijn ouders elk een brief gestuurd waarin mijn bevindingen heb geschreven. Die vormen ook de basis
van mijn boek. Pas sinds vier jaar ben ik ermee bezig. Naast mijn eigen herinneringen, heb ik ook informatie van
anderen gebruikt. Ik heb onder anderen mijn oma en tante gevraagd wat zij ervan hebben gemerkt. Mijn oma zegt dat ze
heeft gezien dat ik niet ziek was, maar vond mijn moeder overbezorgd. Mijn tante deed ook niets, maar die heeft wel een
keer mijn moeder gezegd dat ze mij nog eens zou verliezen.''
Een antwoord op haar brieven heeft Boum nooit gekregen. Contact heeft ze nooit meer gehad, tot afgelopen januari toen
de eerste boekbesprekingen verschenen in de media. "Ineens stond ze op mijn antwoordapparaat. Ze vertelde dat haar
psycholoog had gezegd dat het niet om Mbp ging bij haar. Dat was het. Dat was het wat mij betreft ook. Voor mijn vader
had ik nog wel een deur opengehouden, maar mijn moeder…Nee, die hoef ik niet meer te spreken. Ik voel me
verraden, mijn hele jeugd was een leugen.''
Lees ook:
> Wat is het
precies?