|
Incubator: het toverwoord van de nieuwe economiemaandag 2 oktober 2006Door Niels Juist Zodra iemand 'kenniseconomie' zegt, is dat andere magische woord 'incubator' dichtbij. De incubator, die aanstormende ondernemers helpt met opstarten, is de hoge hoed waaruit de bedrijven van de toekomst moeten worden getoverd. Door Beem, Margreet van Peter Machiel Lotgering en Rik Mulder zijn twee beginnende zakenmannen van 23 jaar oud. Ze hebben een tweemans bedrijf in Groningen, genaamd Scooterslim, dat scooters least aan bedrijven en organisaties. Om hun huur te kunnen betalen werken ze als vakkenvuller in de Albert Heijn en als verkoper in een brommerwinkel. Hun winst stoppen ze onmiddellijk weer terug in het bedrijf. De twee voormalige studenten aan de Hanzehogeschool in Groningen ontdekten een gat in de markt toen ze nog Small Business en Retail Management studeerden. ,,De markt voor scooters is aan het verschuiven van jongeren naar volwassenen," zegt Peter Machiel. ,,De scooter is bovendien een ideaal vervoermiddel in de stad. Daarnaast is hij goedkoop en ook nog goed voor het milieu. Wij bieden de scooter daarom aan voor het woon-werkverkeer. Dit voorjaar willen we ons product ook lanceren in de Randstad " Veelbelovend Een goed idee bedenken is één ding, maar om er vervolgens ook echt de markt mee op te gaan is iets heel anders. Het kost veel tijd en geld om een bedrijf op te zetten. Gelukkig konden de twee aspirant-ondernemers terecht bij de StudEnterprise: een stichting in Groningen die jonge veelbelovende bedrijfjes helpt met opstarten. Ze krijgen goedkope kantoorruimte in een gebouw van de Rijksuniversiteit Groningen en alle andere benodigdheden voor een onderneming: vergaderruimte, computers, telefoons en een fax. Een dergelijke plek wordt ook wel omschreven met het toverwoord 'incubator' en is onlosmakelijk verbonden met die andere magische term: 'kenniseconomie.' In de incubators worden de bedrijven gekweekt die de economie van de toekomst moeten stimuleren. Ervaring ,,De bedrijfjes die hierin zitten zijn de high potentials voor de investeerders", zegt Maarten Goddijn, die StudEnterprise opzette. Met zijn 26 jaar is Maarten niet veel ouder dan de jonge ondernemers waarvoor hij de stichting opzette. Sterker nog, Maarten heeft zelf zijn studie Management en Organisatie nog niet afgerond. Hij moet zijn eindscriptie nog afmaken, maar heeft het op dit moment te druk met zijn werk. Maarten kwam op het idee voor StudEnterprise toen hij zelf als student een bedrijf wilde opzetten. ,,Ik heb nu twee bedrijven, dus ik weet inmiddels wel hoe het werkt, maar toen ik begon was ik heel erg op zoek naar ervaring en kennis binnen de universiteit om mij te helpen. Die was er eigenlijk niet. Er werd wel veel gepraat over de koppeling tussen kennisinstellingen en bedrijven, maar concreet gebeurde er niets. Dus heb ik zelf iets opgezet om studenten te ondersteunen." Dat wil niet zeggen dat het voor de meeste studenten vanzelfsprekend is om een eigen bedrijfje op te zetten. Verre van. Het gros kiest nog altijd voor een goede baan bij een bestaand bedrijf. ,,Veel mensen moeten nog leren dat je óók carrière kan maken door zélf een onderneming op te zetten. Wat dat betreft moet er een cultuuromslag gemaakt worden," zegt Maarten. Op dit zitten er StudenEnterprise twaalf startende bedrijven. Daarvan behoorde het bedrijf OSSO (Open Source Software Oplossingen) tot de pioniers. De onderneming die de 23-jarige informaticastudent Herman Bos met een studievriend opzette, helpt bedrijven met het installeren en beheren van Linux, een gratis besturingssysteem voor computers. De twee studenten verdiepten zich als hobby in het systeem en zagen grote mogelijkheden. Herman: ,,Het is voor bedrijven veel goedkoper om met Linux te werken dan met Microsoft, waarvoor je je alleen aan licenties al blauw betaalt. Alleen de kennis van het systeem ontbrak. Die kennis bieden wij." Huiskamer De hulp van de incubator gaf het bedrijf OSSO een enorme impuls. De twee oprichters, die vanuit hun huiskamer begonnen, hebben inmiddels hun eerste werknemer aangenomen. De bedoeling is om de komende jaren flink verder te groeien. Hoe snel dat kan gaan, weet dr. Gerwin Puppels, de eigenaar van het bedrijf River Diagnostics in Rotterdam. Het bedrijf, dat apparatuur verkoopt die met behulp van licht celweefsel kan analyseren, zit al vier jaar in de incubator van de Erasmus Universiteit. Voordat de 44-jarige Gerwin Puppels het bedrijf opzette, leidde hij een onderzoeksteam in het Erasmus Medisch Centrum. ,,Maar ik wilde later wel op iets meer terug kunnen kijken dan een hele stapel wetenschappelijke artikelen van mijn hand," aldus Gerwin. Hij wilde de technieken die hij en zijn team ontwikkelden in de markt te zetten. ,,Omdat de grote farmaceutische bedrijven niet geïnteresseerd waren, besloot ik zelf maar een bedrijfje te beginnen." Dat verliep zo succesvol dat het bedrijf inmiddels tien medewerkers heeft. Wie nu met River Diagnostics belt, krijgt zelfs een heuse telefoniste aan de lijn. Gerwin lacht: ,,Als je dat als criterium neemt voor een écht bedrijf, dan zijn we inmiddels wel een echt bedrijf, ja."
Lees dit artikel in de D!G! SP!TS Klik hier voor de huisregels voor het reageren op Spitsnet.nl
|
|
|||||||||||||||||||||||||||
| copyright © 2010 SP!TS | |||